Kitty Schaap


Metamorfose

Niets is in dit decor misplaatst.

Een kobaltblauwe peilschaal die hoog water aangeeft,

nauwkeurig gevallen bomen met hun groene pruiken,

grijsbetonnen resten van een vervallen afscheiding

als de melktanden van een kind. Alles is klaar

voor de paringsdans in dit voormalig zwembad,

deze locus amoenus voor vogels en waterdieren.


Ooit gluurden hier opgeschoten jongens

door een scheur in het zeil naar de kuise Suzanna’s

in het meisjesbad, hunkerend naar een zoen.

Net Pyramus en Thisbe, die elkaar ook beminden

door een nauwe spleet, als we tenminste

de Metamorphosen van Ovidius moeten geloven

Straks zijn alle vogels hier aan hun nesten begonnen.



Sterke vrouw

Al jaren ment ze de koppige os,

het zilver glinsterend rond de hals,

haalt ze de knoet over schonkige flanken,

rondt ze rotondes, altijd daar


waar men haar verwacht, een boegbeeld

voor allen; schenkt ze eerlijke koffie,

naait ze rellende jongeren een oor aan,

smeedt ze weerbarstige wijkbewoners aan elkaar,


maar nooit met het mes op tafel. Gesneden

uit onbuigzaam hout laat zij zich door niemand

van haar stuk brengen en is altijd daar

waar men haar het hardste nodig heeft.



IJzeren meiden

zoals de sterke vrouwen uit de geschiedenis.

Daar is haar op de tanden voor nodig,

een simpele emotie kan je maken of breken,

dat wijf wat zo nodig moet, die bitch, die heks.


Je volgt ze op de voet, een Thatcher, een Merkel,

terwijl je hoofd ondertussen stormachtig laveert

tussen een ingediende motie en een zieke moeder.

IJzeren meiden, zonder jullie kunnen we niet.